Kidsweek schrijfwedstrijd 2013

         

 

Kidsweek schreef in maart 2013 een schrijfwedstrijd uit ter gelegenheid van zijn tienjarige bestaan.

En sloot daarbij vloeiend aan bij het pas verschenen Cito-onderzoek over handschriftkwaliteit in het basisonderwijs.

In de aflevering van week 16 stond het verhaal “Schrijven met twee halve walnoten” van Jolien Huis in ’t Veld. Zij had namelijk op de Veerezonschool in Zwolle een gastles bijgewoond bij de uitverkoren bovenbouwgroep. Aartje Schoemaker, schrijfpedagoge van het Platform Handschriftontwikkeling, praatte en werkte met de leerlingen, en ging daarbij uit van hun inzending.

Naderhand vroegen wij (Platform Handschriftontwikkeling) om de overige inzendingen te mogen bekijken. Hieronder volgt het verslag van wat welke schriftkenmerken daarbij vooral zijn opgevallen – schrifthelling, lettergrootte, letterverbon-denheid, en verder interessante observaties.

 

Rijke reacties

Wij waren blij-verrast, toen uit de envelop 35 bladen, van 30 verschillende scholen uit heel ons land tevoorschijn kwamen. Van in totaal 628 leerlingen - klas vier tot en met acht. En met allemaal dezelfde zin: Kidsweek bestaat 10 jaar!

Wat daarmee te doen? Dat was nog niet zo eenvoudig, eerlijk gezegd. Na herhaald doornemen van alle A4-bladen dienden zich enkele interessante schriftkenmerken aan: helling, grootte en verbondenheid. Bovendien vielen verschillende bijzonderheden op. Dat zou de indeling van dit verslag gaan worden.

 

Schrifthelling

Bij de helling gaat het om de hoek die de letters met de schrijflijn maken, in dit geval denkbeeldige lijn, omdat er op ongelinieerd papier is geschreven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen rechtshel-lend, steil of rechtopstaand, en linkshellend handschrift. Onregelmatig hellend schrift is toegekend aan het hellingtype, dat daarvoor het meest in aanmerking kwam.

Wat laten de Kidsweekleerlingen in hun schrifthelling zien?

Globaal gezien schrijven:                                                                                

 - 8 van de 10 vierdeklassers rechtshellend,

- 6 van de 10 vijfde- /zesdeklassers rechtshellend,

- 3 van de 10 zevende/achtsteklassers rechtshellend.

 

Met het klimmen van de basisschooljaren neemt het rechtshellend schrift af, rechtopstaand schrift toe, terwijl in de hoogste klassen 1 op de 8 leerlingen linkshellend schrijft.

Het extreem rechtshellend schrift (< 67.5 gr.), dat volgens recent PPON-onderzoek voorkomt  bij 55% van de vijfdeklassers, wordt door dit onderzoek niet bevestigd –  is eerder uitzonde-ring dan regel.

Niet bekend is met welke methode deze leerlingen hun schrijfvaardigheid hebben verworven. Het meest voor de hand ligt een rechtshellende schrijfmethode, omdat die het meest gebruikt wordt. De ontwikkeling laat zien dat, naarmate de basisschooljaren voortschrijden, er meer van de methodische schrifthelling wordt afgeweken.

 

Lettergrootte

Om de grootte van het handschrift te bepalen, is uitgegaan van de rompletterhoogte, dus die van letters zoals a, m, u. Ook hierbij wordt dezelfde indeling in leerjaren gevolgd.

Zo blijkt de gemiddelde lettergrootte:

 

- bij vierdeklassers:                 5 mm (variatie 4-6 mm)

- bij vijfde-/zesdeklassers:      3.5 mm (variatie 2-5 mm)

- bij zevende/achtsteklassers:  3 mm (variatie 2-4 mm)

 

Volgens het PPON-onderzoek is het handschrift vaak te groot, bij ongeveer 80% van de leer-lingen in de leerjaren 5 en 8. Er is echter gebruikgemaakt van gelinieerd papier met relatief grote interlinie van 10 mm, waar 7.5 à 8 mm gebruikelijk is. Dit zou kunnen verklaren dat een ruimere regelafstand onbewust uitnodigt tot groter schrift.

Bij ons onderzoek is op ongelinieerd papier geschreven. Te groot schrift hebben we slechts af en toe kunnen vaststellen. Misschien nodigt een blanco blad papier eerder uit tot een normale, ofwel de eigen schriftgrootte.

We weten, dat de liniatuur van de schriften met het klimmen van de schooljaren verandert. De regelafstand wordt steeds kleiner, daarmee de hoogte van de letters. Komt dit door de langere oefentijd, dus grotere schrijfvaardigheid, de behoefte om minder ruimte in te nemen?

 

Letterverbondenheid

Het werkwoord ‘bestaat’ is hier als maatstaf genomen voor het al of niet verbonden zijn van de letters binnen een woord. Een belangrijke aanwijzing voor verbondenheid is de vorm van de  letter ‘b’ – wordt deze als ‘schrijfletter’ of als losse c.q. blokletter geschreven? In het eer-ste geval ligt de doorverbinding naar de ‘e’ voor de hand, in het laatste geval niet. Naast de ‘b’ is tevens naar de verbinding tussen de andere letters gekeken. Ook nu wordt dezelfde in-deling in leerjaren gevolgd.

Zo blijkt de mate van verbondenheid:

- bij vierdeklassers:                 100% verbonden

- bij vijfde-/zesdeklassers:        90% verbonden

- bij zevende/achtsteklassers:    41% verbonden

 

Het percentage verbondenheid bij de vijfde-/zesdeklassers (90%) stemt volledig overeen met wat het PPON-onderzoek heeft gevonden. Een duidelijk verschil is echter te zien bij dat voor de hoogste leerjaren. Waar het Cito op 65% verbondenheid uitkomt, komen wij (bij 234 leer-lingen) op 41% verbondenheid.

Een verklaring? Het jongste PPON-onderzoek dateert van 2009, de schrijfwedstrijd van Kids-week dateert van 2013. Met de afnemende aandacht voor schrijfonderwijs lijkt het denkbaar, dat de kwaliteit van het handschrift in vier jaar sneller achteruit is gegaan dan in de tien jaar  tussen de eerste peiling van 1999 en de tweede peiling van 2009.

Het viel op, dat in een handvol gevallen álle teksten van een klas verbonden of onverbonden zijn geschreven. Soms deed de juf of de meester ook aan de wedstrijd mee. Deze eenduidig-heid in de uitvoering zegt iets over de schrijfmethode op deze scholen en de aandacht die in deze klassen, door deze leraren, aan het handschrift wordt gegeven. Hier speelt ook het op de school geldende ‘schrijfbeleid’ mee – welke afspraak is er over het vasthouden aan of loslaten van verbonden schrijven?

 

Welbeschouwd

In de loop van de basisschooljaren tekent zich een zekere ontwikkelingslijn bij het schrijven met de hand af. Mettertijd richt het handschrift zich namelijk meer op (rechtopstaand versus rechtshellend), neemt de grootte af (van ongeveer 5 naar 3 mm), en worden er minder letters in een woord met elkaar verbonden.

Er is veel oefening nodig, door de jaren heen, om het schoolse schrift van de schrijfmethode te automatiseren. Zo lang zal het nog methodisch zijn – rechtshellend, vrij groot, verbonden.

Pas daarna – rond leerjaar zes, maar individueel verschillend – gaat het handschrift steeds meer persoonlijke trekken vertonen. En verdwijnt de eens geleerde methode op de achter-grond.

 

Interessante observaties

Bij het meermalen doornemen van alle inzendingen zijn interessante zaken opgevallen. Ze geven blijk individuele en creatieve kwaliteiten!

Gebruik van sierschrift

Sommige leerlingen hebben hun zin, anders dan hun klasgenoten, op een andere manier vorm-gegeven – een soort sierletter, krullen binnenin of buiten de letter, andere kleur inkt, soms goudkleurig en schitterend door de gelpen. Eén voorbeeld, met potlood en bijzondere uitroep-tekens, die vooral bij de jongens bleken voor te komen.

 

Een feestelijke of esthetische omlijsting van de gezamenlijke prestatie, in de vorm van een sierrand, ontbreekt.

Uitroeptekens en het getal 10

Het is boeiend om te zien welke vorm deze schriftsymbolen soms aannemen. Daarin komt de vindingrijkheid van hun ‘schepper’ beeldend tot uiting, zoals hierboven de uitroeptekens in kralenkettingen en hieronder het olijk-stralende getal tien. Op zich aparte aandacht waard!

 

Kleurrijk

Het doorbladeren van de schrijfproducten levert een rijke schakering aan kleuren op. Naast het overwegende balpenblauw, vaak gewoon potloodzwart, lopen heldergroen, felblauw, heel soms rood, en goudkleurig gel in het oog.

 

Dankwoord

Het was een genoegen om zoveel verschillende handschriften te kunnen bekijken. Daar willen we in de eerste plaats de 628 leerlingen hartelijk voor bedanken, die hun beste ‘beentje’ voor-zetten om zo goed mogelijk “Kidsweek bestaat 10 jaar!” te schrijven. Op een zéér goede tweede plek de redactie, en wel heel in het bijzonder redacteur onderwijs Jolien Huis in ’t Veld. Zij droeg er persoonlijk zorg voor, dat wij de envelop met alle deelne-mende klassen aan deze schrijfwedstijd mochten ontvangen. 

Dick Schermer, m.m.v. Aartje Schoemaker

Platform Handschriftontwikkeling

Zevenaar/28.04.13